Steinerschool De Teunisbloem

Ondertitel

Peuters

Warmte en geborgenheid

    Voor de allerkleinsten is het belangrijk dat ze terechtkomen in een warme, veilige omgeving.  Peuters zijn vaak nog dromerig en  nog niet in staat zich lang met hetzelfde bezig te houden. Het is goed dat ze de kans krijgen al spelend de nieuwe schoolomgeving te ontdekken en dingen uit te proberen op hun eigen tempo. Kleine kinderen leren vooral  maar met hun handen en zintuigen. Ze voelen, zien, horen wat er rondom hen gebeurt. Na verloop van tijd mondt die zintuiglijke verbinding met de omgeving uit in nabootsing, wat meteen ook de weg is om te leren.

Ritme en herhaling

    Naast warmte en geborgenheid zijn vooral ritme en herhaling belangrijke peilers van ons peuter- (en ook kleuter-) onderwijs. Het klasgebeuren heeft een vast ritme dat is gebaseerd op de bestaande, natuurlijke ritmes van de seizoenen, de jaarfeesten, de dagen van de week. De Jaarfeesten zijn ankerpunten waar we samen met de kinderen naar toewerken en –leven. Vooral in de peuter- en kleuterklas zijn ook de dagen van de week een groot houvast in het ritme van de kinderen. Ze leren heel snel dat het woensdag 'soepdag' is en donderdag 'broodbakdag'. Zo heeft iedere dag van de week bepaalde typische kenmerken die elke week terugkeren en dat schept rust voor de kinderen. Net zoals het jaar- en weekritme allerlei punten van houvast biedt voor de kinderen is ook het dagritme een factor van rust en herkenning. Er is een vast begroetingsritueel met de klaskabouter, een opruim-liedje, een spreuk voor het middageten enz.

    Omdat die vertrouwde, veilige omgeving zo belangrijk is voor een kind, kiezen we er op de Steinerschool ook voor om peuters pas rond hun derde verjaardag naar de school te laten komen.